Het Stadhuis, de bel-etage. Dat is de grote hal, die wordt ook wel het Plein genoemd. Het is toch het wijze inzicht van bouwmeester Pieter Post geweest om er zo’n grote hal van te maken, geschikt voor ontvangsten, recepties, bijeenkomsten enzovoort. Hoog, ruim en vooral grandeur. Rondom de hal zijn kamers, ondermeer die voor de Wethovders. Met prachtige reliëfs boven de deur.
Maar kijk ook eens naar de plafonds. Beschilderd door Theodoor van der Schuer tussen 1667 en 1671. Ze laten de vier seizoenen zien, weergegeven als Romeinse goden. En de deugden als Matigheid, Standvastigheid, Voorzichtigheid en Gerechtigheid. Rechts naast de luchter is een rond gat, net onder de ster van Maastricht. Daar is een klokje dat geluid wordt om aan te geven dat de handel in granen mag beginnen. Om oneerlijke concurrentie tegen te gaan.
Zo zijn er veel meer verrassingen. Want bij de serie vlaggen links zijn die van Amerika en Maastricht. En van alle dorpen en steden tussen Normandië en Maastricht die de Geallieerden in 1944 hebben bevrijd.
We kennen de eerste verdieping, het Plein, ook wel bel-etage. Maar er is ook een begane grond en daaronder de kelders. Daar zijn cachots, cellen voor gevangenen. Bijvoorbeeld de Spekkamer. Die heeft niets met spek te maken, de naam komt van chambre de suspects, de cel voor de verdachten. Er is plaats voor vier personen, in de hoek is een stenen gemak, er is geen daglicht en geen privacy. De tekening boven de deur maakt duidelijk dat men er op water en brood zit.
Stevig traliewerk houdt ieder waar die hoort, buiten of binnen. En er zijn wat muurschilderingen. De gekleurde is van Daan Wilschut, een beroemde schilder/glazenier (overleden in Bunde in 1995).
Gelukkig is er ook plaats voor ontspanning, de ruimte voor recepties en besloten bijeenkomsten. Met bar en hapjes.
De kamers zijn vol bijzonderheden als wandkleden, goudleerbehang, schilderijen, stucwerk, schitterende meubels en fraaie kwasten aan de gordijnen.
De ramen. Op de eerste foto zien we een raam met daarin wat stadsgezichten: de schouwburg en een binnenplaats aan de Maastrichter Brugstraat. Ook de namen van de raadsleden JPH Duysens (sedert 1907) en AJH Hagdorn (sedert 1911). Deze ramen zijn van 1918.
Op de tweede foto zien we in een van de ramen kunstenaar Theopdore Schaepkens met daaronder zijn geboortehuis en beeldhouwer Mathieu Kessels en diens geboortehuis aan de Bokstraat, tegenwoordig de Kesselskade. De voorstellingen zijn omgeven door rijkversierde cartouches. Die ramen zijn uit 1920.
Dan een foto voor de sfeer
Dan een raam voor Onno Hoes, burgemeester van 2010 tot 2015. We zien boven zijn naam een groene lauwerkrans en daaronder het wapen van de Lanscroon.
En tot slot het raam voor Annemarie Penn-te Strake, ze was burgemeester tussen 2015 en 2023. Ze heeft het raam zelf ontworpen. We zien onderin een silhouet van de stad, het zogenaamde venussymbool om te laten zien dat zij een vrouwelijke burgemeester was en wat lussen die symbool staan voor de verbinding die ze steeds zocht.
De zolder. Er is een plek waar je met een trap verder naar boven kunt. We zien daar de gemetselde koepel van het gewelf in de centrale hal. En dan kom je in het gedeelte met de grote boogramen in de toren; men kan ze vanaf de straat zien.
Daar is een speelwerk, een deel van het oude carillon. In de trommel zitten nog nokjes van een melodie. En dan gaat er nog een trap verder omhoog. Daar is een ruimte met in het midden een uurwerk dat vier assen aandrijft. Die zijn voor de vier klokken aan de toren.
Nog verder omhoog is de plaats vaan de beiaardier het carillon bespeelt. Dat is buiten, maar dat was mij net iets te dol. Ik heb het maar gedaan met het oefencarillon. Alleen de beiaardier kan de tonen horen. Op de kast staat een beeldje van Joseph Guillaume François (zeg maar Jef) Denyn, Belgische beiaardier. Het is vast een eerbetoon.